Als ik reis gebruik ik verschillende manieren om te betalen. De creditcard gebruik ik eigenlijk het meeste. Cash betalen doe ik bijna alleen als het niet anders kan of als ik iets kleins koop zoals een flesje koel water of een metroticket. Ik merk dat ik eigenlijk steeds minder met contant geld afreken als ik aan het reizen ben. Dat heeft een paar voordelen. Zo hoef ik minder contant geld op te nemen, wat een voordeel is op plekken waar ik met vreemde valuta moet betalen. De kans dat je dan te grote sommen contant geld overhoudt aan het einde van de reis is kleiner. Geld terug wisselen naar euro’s is immers altijd onvoordelig. Je krijgt een veel slechtere koers dan waarvoor je de dollars, roebels, lira’s of andere munteenheden hebt aangeschaft.

Wat misschien nog wel de doorslaggevende factor is om vooral creditcards te gebruiken is het feit dat je bij elektronisch betalen (of elektronische geldopnames) vaak een veel gunstigere wisselkoers hebt dan bij contant geld wisselen of aankopen. De girale koers ligt al decennialang veel dichter bij de middenkoers dan de contante koers. Daarnaast wordt er bij geld wisselen bij een wisselkantoor vaak ook nog commissie berekend. Als dat niet het geval is dan moet je nog meer oppassen, want dan wordt er meestal een erg ongunstige wisselkoers gehanteerd.

Ik vond het weleens tijd worden om eens goed te kijken wat voordeliger is: de creditcard of contant betalen. Mijn meest recente reis naar Canada was een goed moment om dat eens te testen. Ik heb op de dag van aankomst in Toronto ter plaatse Canadese dollars uit de geldautomaat opgenomen. Ook heb ik die dag een betaling gedaan met mijn MasterCard en mijn American Express kaart. Op die manier is er goed te bepalen welke betaalmethode de voordeligste is.

Bij de opname uit de geldautomaat met mijn bankpas heb ik een wisselkoers gekregen van 1,484 Canadese dollar voor 1 euro. Op de opname van 200 Canadese dollar zijn er twee keer extra kosten in rekening gebracht. De exploitant van de geldautomaat heeft CAD 3,50 berekend, wat me tijdens de transactie duidelijk gemaakt werd. Mijn bank, ABN-Amro, heeft me ook nog EUR. 2,25 aan kosten berekend. In totaal dus pakweg vier-en-een-halve euro aan kosten op een opname. Als ik deze kosten meeneem in de werkelijke wisselkoers dan kom ik uit op 1,458 Canadese dollar voor 1 euro.

Bij de betaling met de American Express Card heb ik primair de beste koers die dag: 1,5075 Canadese dollar voor een euro. Bij AMEX wordt er op een betaling in vreemde valuta ook nog een provisie berekend. Als de provisie meegenomen wordt in de daadwerkelijke wisselkoers dan kom ik uit op 1,471 Canadese dollar voor een euro.

De derde betaalmethode die ik die dag gebruikt heb is de MasterCard. Deze creditcard hanteerde die dag een wisselkoers van 1,475 Canadese dollar voor een euro. Omdat MasterCard geen provisie berekent is dit ook de daadwerkelijk koers die ik betaald heb.

Zoals je ziet zijn de twee creditcards het voordeligste. De onderlinge verschillen zijn minimaal bij deze twee veelgebruikte kaarten. Voor mij is de AMEX-kaart het meest gunstige, omdat ik voor iedere euro die ik besteed een KLM-mile ontvang voor het Flying Blue frequent flyer programma. Contant betalen is iets duurder, maar als je kijkt op een bedrag van duizend euro dan ontvang je 17 Canadese dollar minder voor je geld dan bij de MasterCard. Dat is een verschil van iets meer dan één procent. bij kleinere geldopnames wordt contant geld echter ongunstiger, omdat de provisie dan zwaarder drukt op de wisselkoers. Stel dat ik 50 Canadese dollar opgenomen zou hebben, dan had ik slechts 1,353 Canadese dollar ontvangen per daadwerkelijk betaalde euro. Dan wordt het verschil ineens een stuk groter. Daarom is het in het buitenland altijd beter om grotere hoeveelheden tegelijkertijd op te nemen zolang dat binnen je dagelijkse limiet blijft, natuurlijk.